Geschiedenis Taizé

Over eenvoud en goedhartigheid…

In 1940, in oorlogstijd, voelt Roger Schultz de drang om vanuit Zwitserland naar Frankrijk te vertrekken en zo dichter bij de meest hulpbehoevenden te zijn. Hij is dan 25 jaar . Zijn wens is een gemeenschap te beginnen, waar eenvoud en goedhartigheid beleefd wordt als het wezenlijke van het evangelie. Uiteindelijk komt hij in het halfverlaten dorp Taizé terecht.

Roger vangt vluchtelingen op in zijn huis, vooral joden. De materiële omstandigheden waren armoedig: er was geen stromend water, drinkwater moest bij de dorpsput gehaald worden. Het voedsel was karig. Uit respect voor de mensen die hij onderdak had gegeven, bad frère Roger alleen. Vaak ging hij ver van huis het bos in om te zingen.

In 1942 werd Roger gewaarschuwd dat de groep ontdekt was door de nazi’s. Iedereen moest Taizé zo snel mogelijk verlaten. Roger kon in 1944 terugkeren. De eerste broeders hadden zich inmiddels bij hem aangesloten. Met hen was het gemeenschapsleven begonnen dat in Taizé werd voortgezet. Langzaam sluitten zich meer jonge mannen aan bij de eerste broeders.

Meer dan honderd broeders

Op dit moment telt de gemeenschap meer dan honderd broeders uit zo’n 40 landen. Ze zijn katholiek en van uiteenlopende protestante afkomst . De broeders  leven alleen van hun werk. Zij maken onder andere servies van aardewerk, kunst, kaarten, boeken, posters ed, die ze verkopen in een sfeervolle, helel grote winkel die druk bezocht wordt. Ze nemen geen giften en geen schenkingen aan. Erfenissen gaan naar de armen. Vanaf de jaren 50 zijn sommige broeders vertrokken naar arme, achtergebleven gebieden in de wereld (Senegal, Bangla Desh, Brazilië)

Sinds 1957 ontvangt Taizé steeds meer jongeren. De stroom jongeren en ook volwassenen is bijna niet meer  te stuiten. De kerk is nu zo uitgebouwd dat er 6000 mensen in kunnen. Je moet op de grond gaan zitten en je zit er zo dat je alles kunt zien: de iconen, de grote groep broeders en het altaar. Ieder dag zijn er drie vieringen met veel zang. De  kerk is de hele dag open en er zijn vaak zangrepetities, vaak met wel 400 jongeren.

Naast de kerk is er een terrein zo groot als het Pinkpopterrein in Landgraaf waar je kunt kamperen. Ook kunnen er 2000 jongeren ondergebracht worden in houten barakken. Het terrein ligt midden in het mooie Bourgondië, er is veel mooie natuur en er is een stilteplek bij een meer en waterval.

Meer dan drieduizend jongeren per week uit 75 landen

Tijdens de drukke zomerweken zijn er per week tussen de 3000 en 5000 jongeren uit wel 75 verschillende landen. Zij nemen deel aan de wekelijkse ontmoetingen waarin het thema ‘innerlijk leven en solidariteit onder de mensen’ steeds centraal staat. Iedere dag is er een vast programma: drie keer per dag is er een gemeenschappelijk gebed in de kerk.

Van tevoren gaan de bekende klokken luiden. Er wordt veel gezongen maar er is ook stilte. Er zijn in de kerk en rondom de kerk plaatsen ingeruimd waar mooie iconen hangen en waar je kunt bidden en mediteren. Er zijn in de grote tenten bijbelinleidingen in alle talen, gevolgd door gesprekken in kleine groepjes. Je kunt workshops volgen of in werkgroepen werken aan het dagelijkse onderhoud van de gemeenschap (schoonmaken, koken en afwassen, werken in de winkel, vuilnis ophalen, etc.). De workshops geven de mogelijkheid om het verband te ontdekken tussen de bronnen van het geloof en de pluralistische werkelijkheid in de huidige wereld.

De Taizé-boodschap van Theo Wismans

Levensbeschouwing-docent Theo Wismans brengt op het Eijkhagencollege de Taizé-boodschap regelmatig onder de aandacht bij zijn leerlingen: ,,Er bestaat een toenemende behoefte aan spirituele ervaring onder jongeren. De feiten tonen aan dat jongeren wel degelijk bezig zijn met levensbeschouwelijke kwesties. Vele jongeren zijn religieus geïnteresseerd, maar hebben een uitgesproken afkeer ergens bij te horen: ze hebben met name geen belangstelling voor een kerklidmaatschap. De broeders van Taizé organiseren een schijnbaar ongeorganiseerd samenzijn; zij scheppen voorwaarden voor een ontmoeting zonder voorwaarden op basis van vrijwilligheid. Iedereen is welkom, maar als je komt, moet je wel meedraaien met het programma. Die aanpak spreekt aan. Het aantal jongeren uit Nederland blijft ook maar groeien. Taizé-broeder Roger noemde het ‘la dynamique du provisoire, de spankracht van het voorlopige’. Door hun aanpak bieden de broeders de jeugd een omgeving aan waarin jongeren serieus genomen worden en zichzelf kunnen zijn. Het voorlopige blijkt uit de duur van het verblijf. Ook de tenten, de kale kerk (je moet er op de grond zitten) en de ontmoeting met veel leeftijdgenoten die je waarschijnlijk nooit meer ziet, wijzen op het provisorische karakter van Taizé. De vele tienduizenden jongeren doen er belevenissen op die de traditionele kerk niet te bieden heeft. De overlevering van klassieke religieuze patronen is op herhaling gebaseerd. De nieuwe religiositeit is primair gebaseerd op de emotionele beleving van unieke live-events. Daarbij past dan nu de mogelijkheid om via podcasting verder te genieten van Taizé. Jongeren sprokkelen zo als het ware hun eigen religieuze identiteit bij elkaar. Dat de broeders van Taizé dat begrepen hebben, is zeer vooruitstrevend.”